Particle Physics for Dummies

  • Bouwstenen der materie

Als we materie onder een steeds sterkere microscoop zouden bekijken zien we dat materie opgebouwd is uit molekulen, dat molekulen opgebouwd zijn uit atomen, dat atomen opgebouwd zijn uit een kern met daaromheen elektronen, dat de kern opgebouwd is uit protonen en neutronen, en dat de protonen en neutronen opgebouwd zijn uit groepjes van 3 quarks.

  • Het Standaardmodel

Het Standaardmodel is een theorie waarmee de fundamentele structuur van materie bijzonder goed beschreven kan worden. Het is ook een onaangenaam ingewikkelde theorie dus gaan we ons hier alleen beperken tot wat we nodig hebben. Overigens, Gerard 't Hooft en Martin Veltman hebben zich helemaal suf zitten rekenen om het Standaardmodel te ontdoen van allerlei wiskundige tekortkomingen en hebben daarvoor in 1999 de Nobelprijs gekregen. De theorie stelt dat materie opgebouwd is uit in totaal 12 deeltjes, verdeeld over 2 groepen (leptonen en hadronen of quarks) en 3 generaties. Daarnaast zijn er 4 wisselwerkingsdeeltjes die nodig zijn om deeltjes te laten reageren (daarmee wordt bedoeld deeltjes laten ontstaan, laten verdwijnen of laten vervallen). De twaalf deeltjes staan in onderstaand schema, met links de quarks en rechts de leptonen:

Om het leven niet al te ingewikkeld te maken komen alleen deeltjes uit de 1e generatie voor. Dat zijn de deeltjes op de bovenste rij (een proton bestaat uit twee up-quarks en één down-quark en een neutron bestaat uit één up-quark en twee down-quarks). Deeltjes van de 2e en 3e generatie kunnen wel ontstaan wanneer deeltjes uit de 1e generatie met een enorme hoge energie op elkaar knallen. En dat is precies wat in Cern gebeurd: deeltjes worden eerst versneld tot vrijwel de lichtsnelheid bereikt is en dan laten ze die deeltjes op elkaar knallen. Uit de energie die daarbij vrijkomt kunnen deeltjes gevormd worden, omdat energie en massa aan elkaar gerelateerd zijn volgens E = mc2. Wat de deeltjes die ontstaan gemeen hebben is dat ze instabiel zijn en niet zo heel lang in ons midden blijven: levensduren van minder dan 0,000.000.000.000.000.000.01 s zijn niet ongewoon. In Cern weten ze als geen ander dat tijd geld is: hoe korter de tijd hoe meer geld! Het blijkt vrij lastig te zijn om kortlevende deeltjes waar te nemen ...

De wisselwerkingsdeeltjes worden bosonen genoemd. Het gluon is het wisselwerkingsdeeltje dat verbonden is aan de sterke kernkracht. Deze kracht zorgt ervoor dat positief geladen protonen die elkaar afstoten toch bijeen gehouden kunnen worden in een kern. Daarvoor moeten er in de juiste verhouding wel voldoende neutronen aanwezig zijn. Bedenk hierbij dat het niet gaat om krachten tussen protonen en neutronen maar om krachten tussen quarks waaruit protonen en neutronen opgebouwd zijn. Het foton is het wisselwerkingsdeeltje dat verbonden is aan elektromagnetische wisselwerking (een duur woord voor licht). Voor de zwakke kernkracht kennen we de W+, W- en Z bosonen. Onder andere voor het ontdekken van deze deeltjes heeft Simon van der Meer in 1984 de Nobelprijs gekregen. Als laatste wisselwerkingsdeeltje wordt het graviton genoemd, verbonden aan de gravitatiekracht (zwaartekracht). Probleem is echter dat die kracht nog niet goed begrepen wordt en het graviton ook nog niet aangetoond is.

  • Kosmische straling

Kosmische straling gaat een aantal keren per seconden door ons lichaam. Kosmische straling bestaat uit deeltjes die gevormd worden door verval van allerlei deeltjes die ontstaan vooral door protonen uit het heelal die botsen met atomen hoog in de atmosfeer. Eén van de deeltjes die zo ontstaat is het muon. Het muon lijk heel erg op het elektron maar is 200 keer zwaarder. Een muon leven ongeveer 2,2 miljoenste seconde voordat het vervalt in een elektron, en elektron-neutrino en een muon-neutrino.

Muonen ontstaan uit verval van andere kortlevende deeltjes. Sommige van deze deeltjes, pionen, bestaan uit up- en down-quarks terwijl kaonen een derde type quark bevatten: de strange quark. Muonen worden zo'n 60 km boven het aardoppervlak gevormd en bewegen bijna met de lichtsnelheid. Einstein's relativiteitstheorie verklaart waarom, ondanks een hele korte levensduur, de muonen toch de aarde bereiken. Momenteel wordt er vanuit het Project Moderne Natuurkunde, het Amstel Instituut en het NIKHEF gewerkt aan de ontwikkeling van muonendetectoren voor het voortgezet onderwijs. Het Kaj Munk College is hierbij ook betrokken.

  • Onopgeloste problemen:

    • Waar komt massa vandaan? Deeltjes hebben verschillende massa's. Sommige deeltjes hebben helemaal geen massa. In het Standaardmodel is hierover een theorie opgenomen die massa van deeltjes verbindt aan een wisselwerking waarbij het Higgs deeltje betrokken is. Met de energie waarmee protonen versneld kunnen worden in de LHC moet met mogelijk zijn het Higgs deeltje waar te nemen. Blijkt het Higgs deeltje niet te bestaan moeten een aantal natuurkundigen zich nog eens even stevig achter de oren krabbelen.

    • Waar bestaat dark matter uit? Voor personen met overgewicht kan het geen kwaad wat massa kwijt te raken. Astronomen denken groot en kijken dan ook niet naar een paar kilootjes. De posities en beweging van hemellichamen wordt bepaald door de gravitatiekrachten die ertussen werken. Op basis daarvan kan berekend worden hoeveel massa er aanwezig moet zijn in het heelal. En hieruit blijkt dat meer dan 90% van de massa in het heelal zoek is! Wat we daarmee bedoelen is dat die massa niet zichtbaar is (omdat het geen enkele vorm van licht uitzendt). Deze massa wordt dark matter genoemd. De rol van dark matter in de evolutie van het heelal is nog volledig onbekend. In Cern hoopt men door experimenten met de LHC hierover iets meer te kunnen ontdekken.

    • Waarom bestaan er 3 generaties van materie? Er komen 3 generaties van materie voor maar alle stabiele materie bestaat uit up- en down-quarks, elektronen en elektron-neutrino's. Waarom er meerdere generaties zijn is nog een groot vraagteken.

    • Waar is alle antimaterie? Uit experimenten in de deeltjesfysica is altijd gebleken dat materie en anti-materie uit energie gevormd kunnen worden, maar dan wel altijd in gelijke hoeveelheden. Wanneer materie en anti-materie (bijvoorbeeld een proton en een anti-proton) samen komen verdwijnen ze volledig waarbij ze omgezet worden in fotonen (energie). Als dit bij de Oerknal ook gebeurd is, waarom is dan niet alle materie verdwenen samen met de anti-materie en is er niet alleen energie (fotonen) in het heelal? Voor zover bekend is er geen anti-materie aanwezig in het heelal. Er bestaan hier wel ideeën over. Ook hier moeten experimenten met de LHC duidelijk over geven.